Vanwege een uitblijvend herstel van de Nederlandse woningmarkt heeft de regering enige tijd geleden de overdrachtsbelasting verlaagd. Deze verlaging moet zorgen voor een toename van de vraag naar woningen. De verwachte stijging van 125.000 naar 133.000 in 2012 is goed nieuws voor zowel kopers als verkopers. Echter, de verlaging van de overdrachtsbelasting zorgt niet voor een ommezwaai in de prijsontwikkeling, zo is de verwachting. Het aanbod neemt door de maatregel in verhouding tot de vraag sneller toe, waardoor de concurrentie tussen verkopers nog groter wordt. Ook blijft de leencapaciteit van kopers onder druk staan door de bezuinigingsmaatregelen en een nieuwe verlaging van de rentelastpercentages. Dit komt de betaalbaarheid niet ten goede.
Minder vraag
Vooral de bezuinigingsmaatregelen en de opgelopen rente weerhouden potentiële kopers veelvuldig van de koop van een nieuwe woning. Ook de huidige schuldencrisis in Europa is slecht voor het vertrouwen in de woningmarkt, wat leidt tot minder vraag naar koopwoningen. Aan de andere kant zijn veel verkopers tot op heden niet bereid hun prijzen aan te passen aan de huidige marktomstandigheden. Veel verkopers kunnen ook prijsverlagingen nog uitstellen, want het aantal gedwongen verkopen is in Nederland nog altijd zeer laag.
Nieuwbouw
Voor de nieuwbouwsector is de recente verlaging van de overdrachtsbelasting op zijn best een gemengde zegen. Nieuwbouwwoningen worden nu namelijk relatief duurder ten opzichte van bestaande woningen. Positief voor de bouwsector is wel dat het aantal transacties toeneemt.
Overigens is het verlagen van de overdrachtsbelasting niet voldoende om de markt structureel vlot te trekken. De stagnerende doorstroming van de koopsector, bescherming van de consument op lange termijn, de problematiek van scheefwoners en het woningtekort vereisen een integrale aanpak.
3 reactie(s)
Larry - 19 dec. 17:34
peterrijsdijk - 19 nov. 12:50
peterrijsdijk - 19 nov. 12:48