Maar het brengt ook zekere risico’s mee. De eigen zaak moet op de pensioendatum wel over voldoende vermogen en in liquiditeiten om te zetten activa beschikken om de benodigde pensioenuitkeringen te kunnen doen.
Pensioenafspraken
Gaat het met de zaak of met de beleggingen onverhoopt slecht, dan is het in voorkomende gevallen mogelijk dat pensioenaanspraken worden prijsgegeven zonder dat dit onbedoelde of onvoorziene fiscale consequenties heeft. Slechts indien pensioenaanspraken ‘niet voor verwezenlijking vatbaar’ zijn, worden prijsgegeven pensioenaanspraken niet tot het belastbare loon gerekend en wordt ook geen 20% revisierente berekend over de waarde van de aanspraken. Het prijsgeven van niet voor verwezenlijking vatbare aanspraken voorkomt alleen belastingheffing als sprake is van dwingende maatschappelijke redenen, zoals surséance van betaling, faillissement of schuldsanering. Illustratief hierbij is een recente, feitelijke uitspraak van Hof Den Haag.
Conclusie van het Hof
Het hof maakte uit de feiten en omstandigheden op dat de bv waarin de pensioenaanspraken van een voormalige directeur-grootaandeelhouder (dga) in eigen beheer waren ondergebracht, in 2002 weliswaar niet goed liep, maar dat geen sprake was van niet voor verwezenlijking vatbare rechten. Van belang daarbij was dat de bv in 2001 en 2002 weer winst maakte, in 2002 en 2003 stamrechtuitkeringen aan de dga had gedaan en tussen 2001 en 2005 loonsverhogingen had toegekend aan de directeur van de bv (zijn zoon). Het hof concludeerde dat het aandeelhoudersbelang voorop heeft gestaan en niet het werknemersbelang. Daarom moest volgens het hof de gehele waarde van de pensioenaanspraken tot het belastbare loon van de voormalige dga worden gerekend en was hij ook nog eens een aanzienlijk bedrag aan revisierente verschuldigd.
Pensioenverlaging wegens onderdekking
Onlangs was het prijsgeven van pensioenaanspraken ook aan de orde in een brief van de staatssecretaris van Financiën aan de Tweede Kamer. Daarin heeft hij enige Kamervragen beantwoord. Zo heeft de staatssecretaris aangegeven dat bij een pensioenverlaging wegens onderdekking van pensioenverplichtingen, die zijn veroorzaakt door beleggingsverliezen, geen sprake is van ‘niet voor verwezenlijking vatbare pensioenaanspraken’.
Als een werknemer (niet-aandeelhouder) wordt geconfronteerd met een pensioenverlaging van een pensioenfonds, leidt dit volgens de staatssecretaris in beginsel niet tot een belastbaar prijsgeven van pensioenaanspraken. De staatssecretaris ziet enkele rechtvaardigingen voor dit verschil in fiscale behandeling ten opzichte van een dga. Een werknemer heeft namelijk geen doorslaggevende invloed op het beleggingsbeleid van diens pensioenfonds. Verder stijgt de waarde van het aandelenbezit van de dga als deze zijn in eigen beheer ondergebrachte pensioenaanspraken prijsgeeft. De bv wordt immers van de pensioenverplichtingen bevrijd.
Ten slotte heeft de staatssecretaris in de brief aangegeven dat hij niet bereid is om de in de wet opgenomen definitie van ‘niet voor verwezenlijking vatbare aanspraken’ te verruimen tot het afzien van pensioenaanspraken in situaties van onderdekking in de pensioen-bv. De verruiming zou aanleiding kunnen zijn tot oneigenlijk gebruik en het tegengaan daarvan zou tot disproportionele administratieve lasten kunnen leiden.
Ook uit de uitspraak van Hof Den Haag blijkt weer eens dat een dga ook in economisch minder gunstige tijden niet al te snel moet overgaan tot het prijsgeven van zijn pensioenaanspraken in eigen beheer.
Bron: PWC
0 reactie(s)